Twee pasjes naar voren en een pasje terug

 In Blogs
Spread the love

 

De afgelopen week bleek maar weer eens hoe ingesleten gewoontepatronen kunnen zijn. Verwikkeld in een voor mij pittig gesprek op mijn werk had ik me voorgenomen om het deze keer eens anders aan te pakken dan ik normaal zou doen. Ik wil graag meer mijn mening uitspreken en mijn grenzen aangeven, zonder dat ik daarbij het gevoel heb anderen te kwetsen of het niet waard te zijn. Nu dacht ik dat ik er in het gesprek behoorlijk in geslaagd was. Ik had immers meer mijn mening gegeven en aangegeven wat voor mij prettig zou zijn. Alleen merkte ik dat ik na afloop het gesprek niet los kon laten. Ik bleef met een twijfel en onzekerheid rondlopen, die ik nog niet zo goed kon duiden.

’s Avonds na het eten heb ik het gesprek van die dag nog eens doorgenomen met mijn man tijdens een fijne wandeling in het park. Onze dochter was toch even lekker aan het spelen op de speeltoestellen, wat ons de gelegenheid gaf de dag eens door te spreken. Wat heerlijk zeg! Zouden we vaker moeten doen. Fijne quality time voor elkaar zonder afleiding van wat dan ook. Nou ja, behalve dan van onze tweejarige dochter die geregeld vraagt “Wat is dat dan?” Ik greep ons gesprek aan om te onderzoeken wat de oorzaak was van mijn gevoel. Ik kon nog steeds niet helemaal duiden waarom het twijfelachtige en onzekere gevoel zo bleef hangen. Waarom had ik het idee dat ik tekortgeschoten was en niet alles uit mezelf had gehaald in dat gesprek? Of was het gewoon het gevoel dat overbleef na een eerste keer weer een pittig gesprek, waarin ik toch meer dan voorheen mezelf heb laten zien? Ik kon er de vinger nog niet echt opleggen. Misschien verwachtte ik al teveel van mijzelf in een te korte tijd. De afgelopen maand was sowieso even een mindere maand qua energie en gevoel. Dat vond ik lastig te accepteren. Het herstel was tot nu toe eigenlijk alleen maar stapje voor stapje vooruit gegaan. Op een zodanig langzaam tempo voor mijn doen, dat ik niet verwacht had dat het ook kon stagneren of zelfs even weer iets achteruit kon gaan. Gelukkig heeft dat gevoel een week of 2 à 3 aangehouden en is het sinds vorige week langzaamaan weer voorwaarts gegaan.

Omdat ik het nog niet scherp kon krijgen, besloot ik die avond om twee van mijn collega’s hierover te berichten. Iets wat ik normaal niet zo snel zou doen. Stel je voor wat ze van mij zouden denken… Gelukkig begin ik dat station steeds vaker over te slaan. We hebben wat over en weer geappt en besloten de volgende dag nog even met elkaar in gesprek te gaan. Dat gesprek was een emotionele, maar ook fijne reflectie. Al pratende over mijn gevoel gefaald te hebben en het verloop van het pittige gesprek een dag eerder, werd voor mij langzaam steeds duidelijker dat ik weer in een van mijn automatismen terecht was gekomen. Voor mij is dat mijn neiging om de situatie te analyseren in plaats van eerst te voelen wat iets met me doet. Voor mij is dat mijn comfortzone. Door direct in de analyse-stand te gaan staan, hou ik onbewust de muur intact rondom mijn gevoel en mijn kwetsbare kant. Ik neem als het ware afstand van wat er gebeurt en benoem de feitelijkheden die ik zie. In de meeste gevallen herkent mijn gesprekspartner zich in de analyses, waardoor mijn gedrag onbewust alleen nog maar meer gevoed wordt. Vaak achteraf merk ik dat ik niet tevreden ben met de uitkomst van het gesprek of dat ik mijn grenzen weer eens niet bewaakt heb.

Gelukkig werd ook helder welke afslag ik in het vervolg beter kan nemen om niet in mijn ingesleten gewoontepatroon terecht te komen. En dat is de weg van mijn gevoel. Mijn analyses komen namelijk niet zo krachtig binnen als een gesprek vanuit gevoel. Een gesprek waarin ik vertel wat iets met mij doet, wat voor gevoel het mij geeft, dat ik daar last van heb, wat ik graag anders zou willen zien en wat voor mij fijn zou zijn. Door deze weg te bewandelen ben ik beter in staat bij mijn gevoel te blijven en continu te checken of ik me nog prettig voel. Ook ben ik beter in staat duidelijk mijn grenzen te bewaken en mijn behoeften centraal te stellen. Daarbij hoeft het natuurlijk niet zo te zijn dat ik egoïstisch word en geen oog meer heb voor de ander. In tegendeel! Wanneer ik beter bij mijn gevoel blijf en mijn grenzen bewaak, zal ik juist beter voor anderen klaar kunnen staan.

Nu snapte ik dus waar mijn gevoel vandaan kwam en hoe ik het kon oplossen. Waar reflecteren al niet goed voor is! In het pittige gesprek ben ik weggebleven bij mijn gevoel en heb ik niet aangegeven hoezeer bepaalde dingen mij raken, hoeveel last ik daarvan heb en wat dat met mij doet. Ik heb alleen zakelijk en feitelijk de situatie geanalyseerd en benoemd. Heel diplomatiek en correct, maar zonder echte impact en zonder duidelijk mijn grenzen in de situatie aan te geven.

Gelukkig werkt dit net zoals bij kleine kinderen: van vallen en opstaan leer je. Je probeert het iedere dag weer net een stukje beter te doen dan de dag ervoor. En als het even niet gelukt is, dan reflecteer je op milde wijze zonder te oordelen en zie je wat je anders of beter zou kunnen doen. Zo leer je er weer van en kun je de volgende keer experimenteren met ander gedrag. Hopelijk lukt het me in een volgend gesprek direct de afslag naar mijn gevoel te nemen en zo een nieuw pad in te slijten. Ik weet nu wat me te doen staat! Nu nog op het juiste moment eraan denken 😉

Leave a Comment

Start typing and press Enter to search